© Copyright Menno Schilthuizen

Halaqah Mafqudah

MENNO SCHILTHUIZEN

(Oorspronkelijk verschenen in Bionieuws, 16 januari 2004)

Salim, de meest spraakzame van mijn groepje MSc studenten zat al een tijdje op het puntje van zijn stoel. Hij had natuurlijke selectie en cladistiek doorstaan, maar nu ik was aangeland bij soortvorming kon hij zich niet meer houden. Beleefd vroeg hij of dit betekende dat Darwin gelijk had, want vond ik het geen probleem dat ontbrekende schakels, halaqah mafqudah, nooit werden gevonden? En kende ik de boeken van Harun Yahya wel?

De naam Harun Yahya, het pseudoniem waaronder de Turk Adnan Oktar en zijn Science Research Foundation publiceren, kom je sedert enkele jaren overal tegen in de moslimwereld. In Maleisië en Indonesië liggen zijn boeken met titels als The Evolution Deceit en The Dark Side of Darwinism prominent in de schappen van de grote boekhandels op de vliegvelden en in de stad. Harun Yahya staat dan ook voor een indrukwekkende ontwikkeling: de stormachtige opmars van het islamitisch creationisme in de laatste tien jaar.

Grappig genoeg is het gedachtengoed van Harun rechtstreeks afgeleid van de fundamenteel-christelijke creationistische literatuur. Zijn teksten wemelen van de inmiddels overbekende trucs zoals het opblazen van meningsverschillen tussen evolutiebiologen en drogredenen over intelligent design. Maar er zijn ook verschillen. De Islam heeft geen equivalent gekend van bisschop Ussher en diens berekening dat de aarde is geschapen op 23 oktober 4004 v.Chr., dus moslimcreationisten maken weinig woorden vuil aan het ontkrachten van dateringstechnieken.

Ondanks de goede verkoopcijfers van Harun Yahya is evolutie hier overigens geen dagelijks onderwerp van gesprek. Het wordt beschouwd als een religieus debat; en religie, rassenvraagstukken en politiek zijn bestempeld als "gevoelige onderwerpen" waarover de Maleisische media niet mogen rapporteren omdat dit de nationale stabiliteit in gevaar zou brengen. Mijn collega's vonden me ook erg moedig toen ik argeloos "evolutiebioloog" op mijn universiteits-visitekaartje liet drukken.

Die collega's worstelen zelf evengoed met hun gemengde gevoelens over het onderwerp. Zo probeerde de faculteit natuurwetenschappen onlangs een cursus populatiebiologie en evolutie op het eerstejaarsprogramma te zetten. Maar de moslimdocente die werd gevraagd de colleges te geven wees het aanbod gekrenkt af. Vervolgens werd mij gevraagd de lessen te verzorgen, tot iemand bedacht dat een dergelijk beladen onderwerp niet aan een niet-moslim kon worden toevertrouwd en het verzoek werd weer ingetrokken.

Maar zoals altijd werkt het onderdrukken van discussie alleen maar grotere nieuwsgierigheid in de hand. Een groep laag opgeleide assistenten bij een orang-oetan onderzoeksstation vroeg me laatst een lezing te geven over de evolutie van de mens, en luisterde ademloos naar verhalen over fossiele hominiden en genetische verwantschap. Ook Salim is niet meer zo zeker van zijn zaak. Na afloop van het college soortvorming zuchtte hij opgewonden, "Dat is toch allemaal wel erg overtuigend." Ondanks de creationistische opmars is er dus hoop. Want uiteindelijk kan zelfs Harun Yahya niet op tegen moslims die heldere informatie krijgen en hun verstand gebruiken.




   
Copyright©2004 Schilthuizen.org