|
© Copyright
Menno Schilthuizen
Veelvoetig
voedsel
Overal ter
wereld worden insecten gegeten. In Zuid-Afrika worden jaarlijks
miljoenen kilo's rups verorberd, terwijl parasolmieren in Columbia
als delicatesse gelden. De westerse keuken, met zijn afkeer van
alles met zes poten, is eigenlijk een vreemde eend in de culinaire
bijt. Tijd voor een herwaardering?
MENNO SCHILTHUIZEN
(Oorspronkelijk
verschenen in Intermediair, 27 februari 1997.)
In de boekwinkel
in het Londense Natural History Museum staat, ingeklemd tussen
stapels dinosaurus-bouwpakketten, een klein groen boekje, getiteld:
Why not eat insects? Het is een herdruk van een werkje dat oorspronkelijk
in 1885 verscheen van de hand van de excentrieke Vincent M. Holt,
en dat indertijd ongekend populair was.
Het is niet
moeilijk je in te denken waarom Why not eat insects? in het Victoriaanse
Engeland een bestseller was. Een willekeurige passage: 'Nachtvlinders
zijn de belichaming van smakelijkheid. Geheel vrijwillig offeren
zij zich in de kaarsen die wij 's zomers bij het open raam zetten
en hun zoete geur verspreidt zich in de kamer alsof zij willen
zeggen: bak ons in boter, wij zijn verrukkelijk; kook ons, braad
ons, stoof ons!'. Wat zullen die Victoriaanse dames gekird hebben
onder elkaar, in hun salons: die malle meneer Holt!
Toch was
Holt er niet op uit zijn lezers te laten griezelen. Hij hoopte
werkelijk dat insecten zich een plaats zouden veroveren op ons
menu. Niet alleen als curieuze delicatesse voor de rijken ('Cerfs
volantes à la Gru Grit' - keverlarven op toast), maar ook
als onuitputtelijke bron van eiwitten voor de toen sterk ondervoede
Britse boerenbevolking. 'De armen', schrijft hij ergens, 'leiden
een miserabel leven, terwijl ze een uitstekende voedselbron negeren.
Wij, hun superieuren, zouden het goede voorbeeld moeten geven
en dat idiote vooroordeel overwinnen.'
Gruwel van
de week
Het is hem niet gelukt. Waar insecten in Holts tijd nog sporadisch
in ons dieet voorkwamen (bijenlarven werden zeker tot in het begin
van deze eeuw gegeten in bijvoorbeeld Wales en Rusland), vandaag
de dag lijken ze voorgoed verdwenen. 'In het Westen walgen we
van insecten', zegt Adel den Hartog van de Wageningse vakgroep
Humane Voeding. 'En er rust een enorm taboe op het eten ervan.'
Den Hartog was een van de sprekers op 'Insecten als voedsel voor
de mens', een avond (met hapjes!) in de collegeserie 'Insecten
en Maatschappij', georganiseerd door de Landbouwuniversiteit.
Dat taboe
was goed merkbaar in de berichtgeving die volgde op het Wageningse
initiatief. Enkele uitzonderingen daargelaten, overheerste een
wat lacherige toon. Restauranthouders die door het Algemeen Dagblad
om hun mening werden gevraagd, reageerden vol afschuw. De verslaggever
van de Haagse Courant schreef een gevoel van misselijkheid nauwelijks
te kunnen onderdrukken en SBS6 bracht het onderwerp als de gruwel
van de week.
In andere
westerse landen is het al niet veel anders. Een paar jaar geleden
walgde heel Amerika toen een man in het programma Pure Insanity
(een soort 'Wedden Dat...') een meelwormen-omelet live naar binnen
werkte. En op schoolpleinen vragen kinderen al jaren aan elkaar
wat erger is dan een rups in je appel. Antwoord: 'Een halve rups
in je appel!'
Niet dat
we nooit insecten eten: onbewust krijgen we ze wel degelijk binnen.
Want in iedere gedroogde vijg zitten nog de vijgewespjes die de
vijg indertijd bevrucht hebben en rode Smarties worden gekleurd
met het extract van schildluizen. Maar insecten bewust als voedsel
gebruiken, dat is in de westerse wereld not done. Arnold van Huis,
tropisch entomoloog aan de Landbouwuniversiteit Wageningen, vindt
dat 'eigenlijk heel raar'. Hij zegt: 'In vrijwel alle culturen
op aarde vormen insecten een deel van het dieet; de westerse cultuur
is eerder een merkwaardige uitzondering dan de norm.'
Van Huis
verzamelt al jaren wereldwijd gegevens over zulke 'entomofagie'
. Zo wordt in Thailand jaarlijks zo'n elf miljoen gulden aan sprinkhanen
verhandeld. 'Mexicaanse kaviaar' bestaat eigenlijk uit de eieren
van waterwantsen en in Columbia krijg je in de bioscoop geen popcorn
maar geroosterde parasolmieren (in dat land maken insecten sowieso
5 tot 25 procent van het gemiddelde dieet uit).
Van de Japanse
keizer Hirohito wordt vermeld dat hij op zijn ziekbed uitsluitend
rijst met wespen at, terwijl de Australische aborigines cake van
nachtvlinders eten en gestampte groene mieren drinken.
Maar met
name Afrika staat bekend om de rijke variatie aan insectengerechten.
Twee jaar geleden maakte Van Huis een studiereis door negentien
Afrikaanse landen. Hij ontdekte dat zo'n honderd verschillende
insecten daar op de een of andere manier worden geconsumeerd,
waarbij sprinkhanen, muggen, termieten en rupsen de hoofdrol spelen.
Vooral in
zuidelijk Afrika neemt het eten van rupsen massale vormen aan.
De zogenoemde Mopane-worm, de tien centimeter lange larve van
de nachtpauwoog Gonimbrasa belina, is rijk aan eiwitten (65 procent
van het drooggewicht) en met vijftien van die rupsen per dag kan
een volwassen mens volledig voorzien in zijn behoefte aan eiwitten,
vitaminen en mineralen.
Op een heus
Mopane-worm-congres vorig jaar in Botswana, werden de volgende
cijfers bekend gemaakt: alleen al in Zuid-Afrika wordt jaarlijks
meer dan twintig miljoen kilo gegeten. Aan deze behoefte kan niet
worden voldaan met alleen de lokale productie, zodat de rupsen
ook moeten worden geïmporteerd uit omringende landen. In
sommige steden loopt de kiloprijs dan ook op tot meer dan veertig
gulden. 'Duurder dan biefstuk', merkt Van Huis op.
Maar de entomoloog
bemerkte ook dat niet iedere Afrikaan stond te springen om een
nieuwsgierige Hollander te informeren over zijn eetgewoonten.
'In het Westen heerst de mening dat het eten van insecten primitief
en barbaars is. De Afrikanen weten dat en schamen zich er een
beetje voor.' Ook verwesterde Aziaten blijken een dergelijke houding
te hebben. Enkele weken geleden bracht de Chineestalige televisiezender
CNE (in Nederland midden in de nacht op de kabel) een programma
over de Kantonese keuken, waar insecten sinds kort erg populair
zijn. Gestoomde waterkevers, mierensoep en gebraden zijderupsen
passeerden de revue, maar de hippe presentatoren (uit Hongkong)
hadden er maar één woord voor over: yuk!
Kevers als
astronautenvoedsel
De gastronomische toekomst van insecten ziet er dus niet rooskleurig
uit. Voedingsdeskundige Den Hartog noemt hen, zelfs in de landen
waar ze een vast onderdeel van het menu uiltmaken, 'van marginaal
belang'. Hij zegt: 'In Afrika zijn er weliswaar streken waar men
periodiek grote hoeveelheden insecten consumeert, maar het blijft
toch een seizoensgebonden en onvoorspelbaar soort voedsel, waar
mensen nooit grotendeels afhankelijk van zullen worden. Bovendien
worden de meeste insecten in het wild verzameld, iets wat met
de toenemende verstedelijking ook minder zal worden.'
Ook Van Huis
denkt dat insecten maar zelden als stapel zullen dienen, afgezien
dan van de NASA, die een keverkweek heeft ontwikkeld als astronautenvoedsel.
Maar meestal, zo is zijn ervaring, zijn ze geen noodzaak maar
juist een delicatesse. 'De meeste Afrikanen die ik heb gesproken',
zegt hij, 'vinden insecten gewoon erg lekker.'
Het is in
die richting dat er voor insecten misschien nog een toekomst is
weggelegd. Want, zo schrijft de Australische entomoloog Tom McRae
in zijn Internetpagina, 'nu ze in de supermarkt vandaag de dag
sushi, kangoeroe-, emoe- en krokodillenvlees verkopen, kan het
niet lang meer duren en we staan in de rij voor pasta met meelwormensaus!'
|