|
© Copyright
Menno Schilthuizen
De schepping
on-line
Fragmentarische
berichten zwierven al meer dan een jaar over e-mail-discussielijsten,
maar onlangs was het dan eindelijk zover. The Tree of Life werd
officieel geopend.
Zo'n duizend Internet-pagina's brengen de stamboom van het leven
binnen muisbereik.
MENNO SCHILTHUIZEN
(Oorspronkelijk
verschenen in BIOnieuws.)
Het idee
ontsproot eind jaren tachtig aan het brein van David Maddison,
toen promovendus aan de Universiteit van Arizona. Maddison is
in taxonomenkringen geen onbekende, omdat hij en zijn broer Wayne
een populair computerprogramma schreven voor fylogenetische analyse,
MacClade geheten. Maddison bedacht hoe aardig het zou zijn wanneer
MacClade een optie zou hebben waarmee de gebruiker stambomen aan
elkaar kon koppelen.
Drie jaar
geleden pakte Maddison zijn oude idee weer op. In de tussentijd
had de wereld kennis gemaakt met het World Wide Web; het was duidelijk
dat dat de vorm was waarin het idee gegoten moest worden. Broer
Wayne zag het plan ook zitten.
De broers
redeneerden als volgt: taxonomische informatie is over het algemeen
slecht bereikbaar, want versnipperd over duizenden tijdschriften
en experts, van wie ieder is gespecialiseerd op zijn eigen hoekje
van de biodiversiteit. Voor een niet-ingewijde die iets wil weten
over een bepaald beestje of plantje is er geen beginnen aan. Tenzij
er een Internet-opzoekstructuur bestaat die al die stukjes informatie
aan elkaar verbindt. En welke structuur lag meer voor de hand
dan de stamboom van het leven zelf?
Platwormen
Inloggend als 52.000-zoveelste bezoeker op de wortel van The Tree
of Life word je al direct geconfronteerd met een probleempje met
deze redenering. Over veel stukjes van de stamboom, zoals bijvoorbeeld
de allervroegste splitsingen, blijkt verschil van mening te bestaan.
De samenstellers hebben er (terecht) voor gekozen de verschillende
alternatieven te presenteren, maar dat compliceert weer het opzoeken
van hoger gelegen takken van de stamboom, zoals de Maddisons ook
toegeven in de bijgeleverde vraag-en-antwoord-pagina.
Als voorbeeld
van zo'n probleem noemen ze de platwormen. Volgens sommigen zijn
deze allemaal ontstaan uit één voorouder. Dan is
er geen probleem: je klikt op 'platworm' en komt terecht in de
wortel van de platwormen-stamboom. Maar andere specialisten beschouwen
de wormen als een vuilnisbak waarin vertegenwoordigers van diverse,
onverwante diergroepen worden samengevoegd.
Wat nu? Zou
je in dat geval op 'platwormen' klikken, dan zou je tegelijkertijd
naar verschillende plaatsen hogerop in de boom vervoerd moeten
worden. Voorlopig is dat probleem nog niet aan de orde, want de
platwormen-pagina is nog under construction. Op dit moment bestaat
de boom uit zo'n duizend pagina's, samengesteld door meer dan
140 taxonomen. Hoewel de hoofdmoot van het project staat op de
computer van de Universiteit van Arizona, zijn er diverse vertakkingen
naar andere sites. Wie bijvoorbeeld de boom volgt tot in de tak
van de amfibieën, wordt bij 'kikkers' doorgeschakeld naar
de Universiteit van Texas, waar David Cannatella een aantal kikkerpagina's
heeft ingericht. Vanaf hier kun je via de keuze 'Western Palearctic
water frogs' weer verbinding maken met Peter Beerli's computer
op de Universiteit van Washington. Ook in Europa ligt inmiddels
een twijg: de Universiteit van Cambridge verzorgt pagina's over
bladluizen.
DNA-gegevens
Prettig zijn de links naar verwante Internet-sites: gegevensbestanden
van verzamelaars, on-line pagina's van natuurhistorische musea,
enzovoorts. Zelfs moleculaire gegevens zijn via de Tree te traceren:
vanuit ieder niveau in de boom kun je verbinding krijgen met GenBank,
de grote database met DNA-gegevens, en sequenties opzoeken van
de groep van organismen waarin je op dat moment zit.
Toch bevindt
het project zich duidelijk nog in een embryonaal stadium. De meeste
takken die je volgt, lopen al snel dood. Wie meer wil weten over
onze eigen orde de Primates moet wachten tot er iemand bereid
is de betreffende pagina's te schrijven.
David Maddison
zelf geeft het goede voorbeeld. Zijn bijdrage over loopkevers
is heerlijk om doorheen te klikken: veel kleurenfoto's van de
kevertjes, electronen- en lichtmicroscopische afbeeldingen van
tasters, antennes en (onontbeerlijk voor de determinatie) mannelijke
genitaliën.
Daarnaast
compacte, heldere informatie over morfologie, fylogenie en ecologie
(compleet met plaatjes van kenmerkende habitats voor de diverse
soorten), en alles voorzien van literatuurreferenties. Zelfs verspreidingskaarten
zijn opgenomen. Parallel aan al dit moois loopt een determineersleutel,
en je kunt moeiteloos heen en weer zappen tussen sleutel, plaatjes
en stamboom.
Derde Wereld
Nu kan de indruk gewekt worden dat The Tree of Life enig in zijn
soort zou zijn. Dat is niet zo. Zoals de Maddisons in hun inleidende
tekst vermelden, gaan verschillende projecten min of meer van
hetzelfde idee uit. Ze noemen twee voorbeelden: LifeMap (een CD-ROM
uitgegeven door de California Academy of Sciences) en het Phylogeny
of Life project in Berkeley. Dr. Peter Schalk van de Universiteit
van Amsterdam weet er zo nog een paar op te noemen. Hij schat
dat er in totaal zo'n vijftien van dergelijke projecten ter wereld
bestaan, waaronder ETI, het project waarvan hijzelf directeur
is.
Het ETI (Expertisecentrum
voor Taxonomische Identificatie) geeft CD-ROMs uit met min of
meer dezelfde bedoeling als het Internet-project in Arizona. Schalk
waardeert de kwaliteit van The Tree of Life en verwacht binnenkort
met de Maddisons samen te gaan wcrken. Ook is hij van plan de
inhoud van ETI's CD-ROMs op het Internet te zetten. 'Maar,' waarschuwt
hij, 'zo'n zeventig procent van onze aanvragen komt uit de Derde
Wereld, waar Internet-aansluitingen nog maar dun gezaaid zijn.
Bovendien lijkt het verkeer op Internet momenteel alleen maar
trager te worden, wat de bereikbaarheid van zo'n website niet
ten goede komt.'
Dat is een
waar woord. En dan nog iets: als software die 'obscene' websites
blokkeert gemeengoed wordt, is het maar de vraag of zo'n programma
niet gaat struikelen op pagina's die wemelen van termen als 'male
genitals'...
The Tree
of Life is te vinden op http://phylogeny.arizona.edu/tree/phylogeny.html
Wie zijn
favoriete groep van organismen een plaatsje op de Tree wil geven,
kan contact opnemen met Dave Maddison, e-mail tree AT ag.arizona.edu
|