© Copyright Menno Schilthuizen

Een zielenknijper van apen

Zijn boeken zijn bestsellers in Amerika, en filosofen en sociologen volgen zijn werk op de voet: met zijn apenonderzoek heeft Frans de Waal het mensbeeld veranderd. 'Als profeet moest hij naar het buitenland om geëerd te worden.'

MENNO SCHILTHUIZEN

(Oorspronkelijk verschenen in Intermediair, 26 maart 1998.)

'Vraag een Spanjaard naar een bekende Nederlander en hij noemt Hoellit of Croyf. Vraag
hetzelfde aan een Amerikaan en er bestaat een goede kans dat zijn antwoord luidt: Frans de Waal.' Professor Jan van Hooff zegt het zonder een spoor van ironie in zijn stem. DeWaal hield op 13 maart de prestigieuze David de Wied-lezing in Utrecht en Van Hooff is trots--zeg maar rustig apetrots--op zijn vroegere pupil.

Of Frans de Waal nu werkelijk een household name is in de Verenigde Staten of niet, vást staat dat zijn ster nog altijd rijzende is. Zijn boeken leverden hem de Los Angeles Times Book Award en aandacht op de voorpagina van The New York Times op. Newt Gingrich, voorzitter van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, zette zijn boek Chimpanzee Politics op het lijstje aanbevolen leesvoer voor nieuwe Congresleden--samen met onder andere de Onafhankelijkheidsverklaring en de Amerikaanse grondwet.

Maar De Waal hoeft het niet alleen van zijn populaire werk te hebben. Ook onder wetenschappers is hij een gerespecteerd man. Michael Ruse, een filosoof van de Universiteit van Guelph in Canada zegt 'meer van De Waal geleerd te hebben dan van bijna alle hedendaagse filosofen' en vergelijkt hem zonder voorbehoud met Konrad Lorentz, de grondlegger van de gedragsleer. Evolutionair-psycholoog Bram Buunk van de Rijksuniversiteit Groningen noemt zijn inzichten 'van centraal belang in de mens- en maatschappijwetenschappen' en het gezaghebbende Science beschreef zijn werk vorig jaar in louter superlatieven.

De Waals carrière is glansrijk. Na eerst in Nederland furore te hebben gemaakt met zijn inmiddels klassieke en door Bert Haanstra vereeuwigde onderzoek aan chimpansees in Burgers' Dierenpark in Arnhem, woont en werkt hij nu al zeventien jaar in de Verenigde Staten. Hij bekleedt er een dubbel professoraat en sinds afgelopen winter is hij bovendien directeur van The Living Links, een nieuw instituut in Atlanta dat zich concentreert op de evolutie van de mens.

Frans de Waals leven begint in het stadje Waalwijk, kort na de oorlog. Hij studeert biologie in Nijmegen, Groningen en Utrecht. In een van zijn boeken beschrijft hij de opwinding die zich van hem meester maakt als hij als vierentwintigjarige student het
artikel Evolution of Reciprocal Altruism onder ogen krijgt. Daarin betoogt de bioloog Robert Trivers dat altruïstisch gedrag voordelig voor een dier kan zijn, wanneer zijn sociale omgeving gebaseerd is op het principe 'voor wat hoort wat'. Tot die tijd hadden biologen altijd geworsteld met onbaatzuchtig gedrag, dat immers regelrecht tegen de darwinistische strijd om het bestaan leek in te druisen. Trivers' artikel zou altijd een speciaal plekje op De Waals boekenplank behouden.

Begin jaren zeventig start hij een promotieonderzoek bij etholoog Jan van Hooff aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Zijn in 1977 verschenen proefschrift gaat over agressie en coalitievorming bij Java-apen, maar al in 1975 raakt hij daarnaast betrokken bij chimpansee-onderzoek in Burgers' Dierenpark, dat onder leiding staat van de jongere broer van zijn promotor, Antoon van Hooff.

De Arnhemse dierentuin herbergt in die jaren (en nog steeds) 's werelds grootste kolonie chimpansees. Chimpanseegedrag is nog vrijwel maagdelijk terrein, dus de samenwerking tussen de twee broers Van Hooff móet wel een uiterst vruchtbare worden. In Arnhem wordt een observatiecentrum ingericht waar De Waal en zijn studenten onbelemmerd onderzoek kunnen doen. Antoon van Hooff: 'Verscheidene dierentuinen hebben de Arnhemse opzet inmiddels overgenomen, maar indertijd was het een wereldprimeur.' En broer Jan herinnert zich: 'Hij wist natuurlijk terdege hoe goed hij het getroffen had. De room zat er dik op en daar was Frans met de afroomspaan.'

Zes jaar lang volgen De Waal en zijn studenten het dagelijkse leven van de apen op de voet. Dramatisch hoogtepunt is een politieke moord. De machthebber in de Arnhemse kolonie is Luit, door De Waal beschreven als 'genereus, goedgehumeurd en vriendelijk, echt een leider'. Maar voor coming man Nikkie en het oude mannetje Yeroen is Luit een bron van ergernis. De twee zweren samen en castreren hun leider, waarna deze aan zijn verwondingen sterft. Nikkie en Yeroen kunnen dan drie jaar lang samen aan de macht blijven. Dit soort berekenend gedrag is het voornaamste onderwerp van de studies in Arnhem, die uiteindelijk leiden tot De Waals eerste boek voor een breed publiek, Chimpanzee Politics.

Het verschijnt in 1982, een jaar nadat De Waal is gaan werken aan het Primatencentrum van de Universiteit van Wisconsin in Madison. 'Ik heb hem daar wel eens bezocht', zegt Antoon van Hooff.' Hij keek in het begin nog wat verwonderd tegen die Amerikaanse samenleving aan. Ik had niet de indruk dat het zijn favoriete land was.'

Maar De Waal overleeft de cultuurschok en wijdt zich in Madison aan de bestudering van verzoeningsgedrag bij resus- en andere apen. Want als agressie een belangrijke rol speelt bij sociaal levende apen, moet verzoening dat ook doen. Chimpansees kussen elkaar, bonobo's copuleren en makaken verzoenen zich door elkaar te omhelzen en smakkende geluiden te maken. De Waal toont aan dat apen een keur aan verfijnde manieren hebben om conflicten tot een minimum te beperken. Ook deze fase in zijn carrière sluit hij af met een populair-wetenschappelijk boek: Peacemaking Among Primates (1989).

In het midden van de jaren tachtig begint De Waal met onderzoek bij het vermaarde Yerkes Regional Primate Center, een onderzoeksstation in Atlanta dat onderdak biedt aan zo'n tweeduizend apen van allerlei pluimage.Voor De Waal is de voornaamste aantrekkingskracht van 'het Yerkes' de mogelijkheid weer met zijn geliefde chimpansees te werken. Het centrum heeft een groot buitenverblijf waar twintig chimps leven en geobserveerd worden.Tegelijkerlijd trekt ook een andere mensaap zijn aandacht: de mysterieuze bonobo, ook wel (ten onrechte) dwergchimpansee genoemd, die ethologen tot dan toe goeddeels links hebben laten liggen. De Waal begint in de dierentuin van San Diego de bonobo-kolonie te bestuderen.

In 1991 verhuist hij definitief naar 'The Star of the South', zoals Atlanta zichzelf graag noemt; hij neemt een gecombineerde betrekking aan als hoogleraar psychologie aan Emory University en onderzoeksprofessor bij hetYerkes. Hij brengt een onderzoeksgroep van een kleine vijftien man bijeen en krijgt alle vrijheid om zich aan zijn boeken te wijden.

Het afgelopen jaar werd zijn positie verder verstevigd door zijn aanstelling als directeur van een gloednieuw instituut binnen het Yerkes, The Living Links genoemd. 'Het is een soort woordspeling', verduidelijkt FilippoAureli, een onderzoeker in De Waals lab. 'In tegenstelling tot paleontologen, die missing links bestuderen, gaan wij vooral kijken naar het gedrag van onze nog levende verwanten, om zo meer te weten te komen over onze eigen evolutie. Naast gedragsonderzoek gaan we trouwens ook genetisch onderzoek doen.'

Door zijn Arnhemse jaren weet De Waal hoe belangrijk een goede werkomgeving is Aureli:"Hij laat zijn studenten erg vrij. Hij let erop dat hij mensen aanneemt die zelfstandig kunnen werken. Hij zorgt voor ideale faciliteiten en dat leidt meestal tot goede resultaten.' 'De Waal zit in de Verenigde Staten erg goed', denkt Jan van Hooff. 'De academische wereld daar is niet zo bureaucratisch als hier en hetYerkes geeft hem alle vrijheid die hij wil.'

De laatste jaren volgen zijn boeken elkaar in rap tempo op. Terwijl Chimpanzee Politics de tamelijk grimmige boodschap bevatte dat er geen wezenlijk verschil bestond tussen slechtheid bij mensen en dieren, lijkt De Waal gaandeweg van de keerzijde daarvan overtuigd te raken: ook mensapen zijn in aanleg goed. Onze hooggeprezen menselijke moraal is geëvolueerd, en de beginstadia ervan zijn net zo goed bij onze aapachtige verwanten te vinden. Die provocerende gedachte, neergelegd in Good Natured, betekent eindelijk De Waals doorbraak in zijn geboorteland. 'Een profeet moet naar het buitenland om in eigen land geëerd te worden', zegt Jan van Hooff.

Vorig jaar verscheen De Waals vierde grote bestseller: Bonobo--The Forgotten Ape, dat hij schreef tijdens een sabattical in München. Het boek is schitterend geïllustreerd door nauurfotograaf Frans Lanting, een andere Nederlander die in Amerika de top van zijn vakgebied haalde. De bonobo is De Waals favoriete aap geworden: een soort flower-power-broertje van de chimpansee, vredelievend, en met een door vrouwtjes gedomineerde, hyperseksuele samenleving. De bonobo--net zo verwant aan de mens als de chimpansee--biedt een totaal ander perspectief op onze sociale evolutie.

Over bonobo's ging ook De Waals David de Wied-lezing, twee weken geleden. Ten overstaan van een duizendkoppig publiek sprak hij met flair en overwicht en, al die Amerikaanse jaren ten spijt, nog altijd een Waalwijks accent. Dat laatste had hij als student ook al, herinnert Antoon van Hooff zich; flair en overwicht verwierf hij pas naarmate zijn carrière vorderde. 'Hij kwam naar Arnhem als een wat schuchtere, hoogblonde jongen, die zich soms wat liet intimideren door doorgewinterde dierentuin-collega's. Maar omdat het onderzoek al snel veel bekijks trok, moest hij van meet af aan tekst en utleg geven aan delegaties officiële bezoekers. We hebben hem eigenlijk een beetje voor de leeuwen geworpen. Zo wende hij al snel aan het populariseren van zijn onderzoek en ik denk dat dat hem heeft geholpen bij zijn latere populair-wetenschappelijke werk.

In zijn boeken en artikelen afficheert De Waal zich nadrukkelijk als 'etholuug in de Europese traditie'. Voor een exponent van een school die groten als Konrad Lorentz en NikoTinbergen heeft voortgebracht is dat natuurlijk geen wonder. 'De Europese ethologie maakt gebruik valt heel gedetailleerde beschrijving van gedragingen. Die worden objectief en nauwgezet genoteerd, gemeten en statistisch geanalyseerd', zegt Jan van Hooff. Ook in de VS houdt De Waal daaraan vast. Aureli zegt: 'Hij leidt zijn eigen studenten in Atlanta op zoals hijzelf in Arnhem is opgeleid: observeren, observeren, en nog eens observeren.'

Het opmerkelijke is dat die minutieuze werkwijze ertoe heeft geleid dat de gedragsleer een 'menselijker gezicht' kreeg. Gedragswetenschappers proberen doorgaans nadrukkelijk het projecteren van menselijke emoties en drijfveren op dieren te vermijden; maar juist door het gedrag zo objectief mogelijk te benaderen, konden zulke parallellen wetenschappelijk onderbouwd worden. Jan van Hooff: 'In eerste instantie spraken we bijvoorbeeld van PCAC'tjes: Post-Conflict Affiliatief Contact. Heel objectief, niks geen gedonderd. Het was een soort gedrag dal goed meetbaar was: na een conflict werd er door de chimps significant meer gekust. Dat konden we heel precies registreren. Pas toen we getalsmatig konden bewijzen dat PCAC in alle aspecten overeenkomt met wat we bij mensen 'verzoening' noemen, zijn we het bij chimpansees ook zo gaan noemen.'

Sommige collega's lopen nog steeds te hoop tegen De Waals 'menselijke' stijl van ethologie bedrijven, maar zelf zei hij twee jaar geleden in een interview in Het Parool: 'Ik kan een verzoenend klopje op de schouder natuurlijk wel 'klopgedrag' noemen in plaats van 'verzoening', maar dan ben ik een overduidelijke overeenkomst met de mens aan het bedekken.'

Verzoening was tot daar aan toe, maar moreel besef... De Waal zelf noemt het 'een logische stap' om, na meer dan twintig jaar menselijke emoties als verontwaardiging, schaamte, woede, medelijden en berouw bij apen te hebben geregistreerd, ook ons alleenrecht op moraliteit ter discussie te stellen, zoals hij deed met Good Natured. Gevoel voor goed en kwaad is volgens De Waal de ultieme evolutionaire aanpassing aan het leven in een groep.

'Good Natured is een schitterend boek, dat heel goed blootlegt hoe onze moraal gebaseerd is op lange- termijn-wederkerigheid', vindt Bram Buunk. Met andere woorden: moraliteit is een ingewikkeld stelsel van regels om bij te houden of iedereen zich wel aan 'reciprook altruïsme' houdt; Robert Trivers' theorie die op de jonge Frans zo veel indruk maakte.

Mail Ridley, een Britse auteur die vorig jaar eveneens een boek over de evolutie van de moraal schreef (in ons land verschenen als De Oorsprong van de Moraal), is ook onder de indruk. 'Frans de Waal is absoluut briljant', zegt hij. 'Hij heeft laten zien dat we veel over onszelf kunnen leren door naar apengedrag te kijken. Tot die tijd zagen we onze slechte eigenschappen als dierlijk, en onze goede als menselijk. Het is heel belangrijk dat we het verband zien tussen ons en de dieren in zowel onze goede als onze slechte eigenschappen. Moraliteit is geëvolueerd, niet bedacht.'

Vorig jaar gaf De Waal een lezing op een bijeenkomst van de Human Behavior and Evolution Society. Zijn voordracht werd door het bonte gezelschap van neurobiologen, filosofen, sociologen, psychologen, biologen en psychiaters met veel instemming ontvangen. Maar de Nederlandse sociologen zijn nog steeds niet toe aan een evolutionaire benadering van onze moraal en gedrag, vreest Buunk. 'Zij hebben nog steeds de neiging om te doen alsof wat zij bestuderen de niet-biologische kant van menselijk gedrag is.'

Hoog tijd dus dat De Waal terugkeert naar zijn vaderland. Maar dat zit er niet in, vreest Jan van Hooff; daarvoor gaat het zijn pupil ginds te goed. 'Volgens mij wil Frans niet meer weg uit de VS.'




 

   
Copyright©2004 Schilthuizen.org